“Veel Cyprioten hebben tijdens de Coronatijd hun eigen eiland (her)ontdekt. Wandelen is hier best populair geworden,” zo stelt Anthie Gabrielides van de toeristische dienst van Cyprus. Travel Like A Pro trok daarom met plezier ter plaatse om het wandelpotentieel van het eiland van Aphrodite te ontdekken. Een wandelavontuur in meerdere etappes, van het schuim van de golven waaruit de Griekse godin Aphrodite is geboren tot de legendarische Olympusberg, thuis van diezelfde goden.
Als meest oostelijke eiland in de Middellandse Zee is Cyprus vermoedelijk meer bekend om zijn stranden dan als wandelbestemming. Die stranden zijn best populair bij Russische en Israëlische vakantiegangers, blijkt op de luchthaven en langsheen de dijk van Larnaca. Niet onbelangrijk voor potentiële wandelaars: tijdens het voor- en late najaar klimt het kwik niet zo hoog op als tijdens de zomermaanden (dan kan het meer dan 40 graden worden) en is het ideaal wandelweer.
We starten onze verkenning rond Kaap Greco op een landtong in het zuidoosten. Daar heeft ooit een tempel voor Aphrodite gestaan, vertelt een infobord. Het zal niet voor het laatst zijn dat de mythische godin ons pad kruist… De contrasten tussen de kleuren van de zee en de omgeving fascineren: terwijl het kraakheldere water in de omgeving van Konnos Beach aarzelt of hij een blauw, turkoois of smaragdgroen jasje gaat aantrekken, variëren de kleuren van de lokale vegetatie en rotsen tussen grijzige groentinten en roestig bruin. Dit is bovendien een
stopover-plek voor migrerende vogelsoorten -net zoals je in de zoutplassen rond Larnaca flamingo’s in hun witte outfit kan spotten, voor ze roze worden in Afrika.
Wilde paarden aan Kaap Aspro
De godin van de liefde en vruchtbaarheid duikt op Cyprus meermaals op. Ten westen van Limassol, in het dorpje Pissouri, loopt het Genesis Aphrodite wandelpad langs de witte kliffen van Kaap Aspro naar een strand. Aan de einder verrijst de Rots van Aphrodite. Daar is de godin uit de golven geboren, zegt de legende. Meer zelfs: wie rond die rots zwemt, blijft naar verluidt eeuwig jong. Die uitdaging gaan we vandaag niet aan: de diepblauwe zee oogt mooi, maar is dezer dagen net iets te fris. Onze wandeling start hogerop. De voorzitter van de lokale toerismeraad loodst ons langs wilde paarden naar een streepje beschermde natuur rond de kliffen. Na het klimmen, klauteren en dalen tussen schijnbaar dorre natuur worden we beloond met uiterst fraaie vergezichten over steile kliffen die oprijzen uit de zee. Meneer Charis ijvert al lang voor de uitbreiding van de beschermde kustzone: “Je moet dit ervaren om te beseffen hoe uniek dit stuk natuur is. Op dit eiland denken velen nog altijd dat het belangrijker is om villa’s te kunnen bouwen dan om onze natuur te beschermen.” Toeristische ontwikkeling versus natuurbehoud, stilte en rust: het blijkt ook op dit eiland een precaire en permanente evenwichtsoefening te zijn.
B&b met een bijzonder verhaal
Richting binnenland beginnen de wegen al snel te klimmen. Het summum van onze wandelodyssee sparen we op voor later, maar in het middengebergte ontdekken we Vavla-dorp. We maken er kennis met de Amerikaanse Donna Marie en haar Cypriotische echtgenoot George. Het koppel is al lang pensioengerechtigd, maar ze baten nog steeds met verve een agritoeristische b&b uit, Our House. George, een kranige tachtiger intussen, is een vat vol verhalen. “Ik ben hier in de jaren 50 vertrokken. Cyprus was toen arm, er was weinig werk. Ik ben in Londen privé-ober geworden van meneer Cunard, eigenaar van de befaamde oceanliners. Die heeft me de kans geboden om op zijn schepen te werken, later ben ik in New York beland. Ik heb altijd keihard gewerkt, voor romantiek was er geen tijd -tot deze jongedame mijn restaurant binnenkwam. She had to be my wife,” klinkt het nog steeds vol passie.
Na hun pensioen hebben ze George’s ouderlijk huis omgebouwd tot deze b&b met drie kamers. Voor de culinaire wonderen des huizes, overigens ten zeerste aanbevolen, is Donna Marie verantwoordelijk. Zij schetst de evolutie van het dorp: die staat symbool voor de leegloop van het platteland. “Na de Turkse invasie telde ons dorp 800 inwoners, maar velen zijn naderhand vertrokken. Vandaag leven hier dertig mensen.”
Dorpjes met een label
De leegloop van dorpen en de trek naar stedelijke gebieden zijn niet per se Cypriotische fenomenen. Maar in het weekend gebeurt op dit eiland het omgekeerde, verzekert iedereen ons. Dan trekken locals naar het platteland voor een picknick of bezoeken ze Omodos en Lefkara, twee populaire dorpen. Toerisme, de restauratie van huizen en patrimonium en het bewaren van oude ambachten en tradities probeert men hier te verzoenen. De Wereldtoerismeorganisatie WTO heeft het initiatief in Lefkara een duurzaamheidslabel toegekend.
“Dit dorp was ooit het grootste van Cyprus en is vooral bekend om zijn kant. Venetianen hebben de techniek hier geïntroduceerd,” legt een verkoopster uit. “Ons tafellaken figureert op ‘Het laatste avondmaal’ van Leonardo Da Vinci.” Vroeger waren tafelkleden uit Lefkara een prestigieus huwelijkscadeau voor een jonge bruid, vandaag zijn jongeren er minder in geïnteresseerd, zo blijkt.
Het is geen uniek gegeven: ook in andere dorpen horen we dat jongeren omwille van (een gebrek aan) werk (moeten) wegtrekken. De dorpjes ogen overdag vaak verlaten, op enkele ouderlingen na. Die verzamelen in het dorpscafé voor een babbel en een koffie. Maar er zijn hoopvolle signalen: eens ze wat ouder worden, keren jongeren ook terug naar hun roots, klinkt het.
Wandelen tussen de wijnranken
Pano Panagia. een van Cyprus’ mooiste dorpjes aldus de labels, staat bekend om twee zaken: het is het geboortedorp van wijlen president Makarios, het eerste staatshoofd na de onafhankelijkheid in 1960. En hier wordt ook wijn verbouwd.
Dat is op Cyprus een eeuwenoude traditie en het warme, droge klimaat levert aangename (vooral witte) kwaliteitswijnen op of de Commandaria-dessertwijn. Het is vooral kwestie van ter plekke te proeven, want Cyprioten drinken het gros van ’s lands wijnproductie zelf op. Maar, zo vertellen wijnbouwers, op internationale wijnbeurzen scoort wijn uit Cyprus alsmaar beter.
Die wijngaarden willen we nader verkennen. Maar we moeten meer dan 300 hoogtemeters en hellingen van minstens 15% overwinnen om tussen de wijnranken van Panagia te belanden. Als we nahijgend rondom ons kijken, zijn de vergezichten verbluffend. Van hieruit ontwaren we zelfs de Olympusberg!
Op het plateau blaast een kille wind de voorjaarszon genadeloos weg. We zitten inmiddels boven 1000 meter en het landschap, buiten de wijnranken, oogt desolaat. De enige levende zielen die hier actief zijn, zijn een wijnboer en zijn Vietnamese(!) gastarbeiders. Hoe deze mensen hier zijn terechtgekomen, blijft een raadsel: de boer zijn Engels is zo ondermaats dat ik niet de kans krijg om dat na te vragen.
Wandelapp
Ook Platres heeft een wijnverleden, maar in de 19e eeuw, toen de Britten Cyprus bestuurden, is het dorp vooral bekend geworden als zomerse vakantiestek aan de voet van het Troodosgebergte. Het waren Schotten die hun thuisland herkenden in het Kalidonia-wandelpad. Dat leidt naar een waterval hogerop.
Het is geen moeilijke wandeling, je moet gewoon uit je doppen kijken voor rotsen, stenen of uitstekende boomwortels. Maar het is geen lusvormig traject: je wandelt naar boven en dezelfde weg terug naar beneden, tenzij je vervoer regelt om bovenaan te kunnen vertrekken. Bij de toeristische dienst erkent men dat er nog werk aan de winkel is: “We proberen een wandelapp te bouwen waarop alle informatie over de wandelmogelijkheden op het eiland gebundeld wordt.”
Op Cyprus telt een langeafstandswandelpad (220 km) dat de west- met de oostkust verbindt, daarnaast zijn er 800 km wandelpaden verspreid over het eiland. Dat zijn niet per se lange, soms wel pittige wandelingen, en steevast in fraaie en heel diverse landschappen. De wandeltrajecten worden deels beheerd en onderhouden door het Ministerie voor Bosbouw, voor de andere helft zijn lokale besturen verantwoordelijk -en daar loopt het soms wel eens fout. Desalniettemin, wij waren aangenaam verrast door de verscheidenheid aan tracés.
De toeristische dienst probeert de toegenomen interesse voor het wandelen, ook bij de eigen bevolking, verder te stimuleren. Waar voorheen het gros van de Cyprioten wandelen voor je plezier of uit nieuwsgierigheid als een vreemd of gek idee bekeek, heeft corona er zeker toe bijgedragen dat “veel Cyprioten hun eigen eiland (her)ontdekt hebben. Wandelen is best populair geworden,” klonk het.
Unescokerken
Het is bovendien fijn als je, naast fraaie en verscheiden landschappen, ook een stukje lokaal patrimonium kan ontdekken, zoals de kerkjes in de Troodosregio. Die zijn door de Unesco erkend als werelderfgoed omwille van de schitterende fresco’s uit de (laat-)Byzantijnse tijd.
Ons wandelprogramma biedt geen ruimte om ze allemaal te gaan bekijken, maar onder meer in Kalopanagiotis en Pedoulas kan je je vergapen aan verbluffende heiligenfiguren en bijbelse taferelen op muren en plafonds. Wauw.
Rondje rond de hemel
Gesterkt door deze heilige impulsen kunnen we de laatste etappe van ons wandelavontuur aanvatten. De Artemis-luswandeling rond de berg der goden Olympus moet ons helemaal in hemelse sferen brengen. Het zandpad wordt grindpad en leidt door bossen naar afhellende flanken met wonderlijke panoramazichten rond Cyprus’ hoogste berg.
We schurken intussen tegen de 2000 meter aan, dat illustreren enkele ijsplekken. En de skiliften op het eind van de wandeling maken duidelijk dat skiën in Aphrodites achtertuin geen onrealistische wensdroom is. Maar zelfs op zondag is een pril voorjaarzonnetje paraat om ons op te warmen.
Als we uitgewandeld zijn en terugkeren op de parking staat die helemaal vol. Dat Cyprioten in het weekend graag hun wandelschoenen aantrekken, blijkt dus geen loze bewering. Het eiland van Aphrodite heeft er met andere woorden een troef bij… (EB)
Meer info: www.visitcyprus.com
Meer info over de wandelmogelijkheden op het eiland, vind je hier

































